Header-Image

Ervaringsverhaal Afke

Afke kijkt terug op een lange weg met verschillende woonvormen en ervaringen. Ze vertelt open over wat voor haar werkt en wat niet. Begeleiding die luistert, aanpast en serieus neemt, maakt voor haar het verschil.

Gegroeid naar wat bij haar past

Afke (75) woont al vele jaren bij de Robert Coppes Stichting. Ze heeft op verschillende plekken gewoond en gewerkt, en vertelt open over de stappen die zij door de jaren heen heeft gezet, soms passend, soms minder. Nu woont ze op een plek waar ze haar dagen op een manier kan invullen die bij haar past: met Bijbelstudie, haar werk in de Cliëntenraad en activiteiten die voor haar betekenis hebben.

Een leven met geloof en verbondenheid

Handen die een open Bijbel vasthouden, met op beide pagina’s tekst, tegen een donkere achtergrond.

Afke woont alleen. “Mijn man is in 1995 overleden,” vertelt ze. Ze heeft geen kinderen en vindt haar structuur vooral in dingen die ze zelf gekozen heeft. Twee keer per week volgt ze Bijbelstudie. “Ik vind het héél leuk om te doen,” benadrukt ze. Ook zit ze sinds 2024 in de Cliëntenraad, iets waar ze met plezier aan meedoet.

Een lange weg door verschillende woonvormen

Door de jaren heen woonde Afke op verschillende plekken. Zelf zegt ze: “Soms lukte zelfstandig wonen tijdelijk, soms niet.” Uiteindelijk kwam ze terecht op haar huidige plek, niet perfect, maar passend.

Verhuizingen en verbouwingen in de toekomst maken haar soms onzeker: “Het is niet dat ik hier weg wil, maar er komen verbouwingen aan… dat beïnvloedt de toekomst wel.”

Begeleiding die meedenkt en bijstelt

Afke is open over wat voor haar lastig kan zijn. “Ik ben heel weinig flexibel,” vertelt ze. “Als iets anders loopt dan ik had gewild, dan vind ik dat moeilijk.” Ze weet ook dat dat niet aan anderen ligt. “Dat ligt niet aan de Robert Coppes Stichting. Dat heb ik ook op andere plekken.”

Juist daarom is voorspelbaarheid belangrijk. Een goed voorbeeld is de avondmaaltijd. Vroeger haalde ze die zelf op in de keuken, maar het wachten zonder vaste tijd gaf spanning. Toen de begeleiding merkte hoe dit haar beïnvloedde, werd dat aangepast. “Het wordt nu bijna standaard op een vaste tijd gebracht. Dat is voor mij een teken dat ik heel goed geholpen word.”

Gehoord en serieus genomen worden

Een herinnering die Afke is bijgebleven, gaat over een voormalig bestuurder. Ze merkte dat deze persoon tijd nam om bewoners serieus te nemen, te luisteren, en ook eerlijk was wanneer er iets mis was ingeschat. Toen Afke aangaf dat haar kamer niet geschikt was, kwam de bestuurder kijken. “Ze zei: Afke, jij hebt volkomen gelijk.” Dat moment staat voor Afke symbool voor respect en erkenning. Ze vertelt dat ze bij de huidige bestuurder datzelfde gevoel heeft: iemand die meedenkt en openstaat voor gesprek.

Wat werkt en wat niet

Door de jaren heen heeft Afke veel verschillende vormen van dagbesteding geprobeerd. “Er is heel weinig wat er echt toe deed,” zegt ze eerlijk. Voor haar werkt het niet als een activiteit weinig inhoud heeft. Wat wél werkt? De Cliëntenraad, de Bijbelstudie en haar iPad: “Dat heeft heel veel veranderd.”

Inleveren en omgaan met ouder worden

Afke benoemt zonder omwegen dat haar gezondheid en mogelijkheden veranderen: “Ik lever meer in dan dat er bijkomt.” Haar zicht gaat achteruit, en door een gebroken arm kan ze minder dan vroeger. Toch houdt ze vast aan wat lukt en betekenis heeft.

Ondersteuning die verder gaat

Afke is blij verrast over de ondersteuning bij ziekenhuisbezoeken voor oogzorg: “Dat vind ik bijzonder.” Begeleiding gaat met haar mee naar het ziekenhuis en de reiskosten worden niet doorberekend wanneer het om haar visuele beperking gaat. Dat geeft haar het gevoel dat er écht wordt meegedacht met wat zij nodig heeft.

Wat ze anderen wil meegeven

Ze vat het zelf mooi samen: “Niet alles is mogelijk, maar er wordt geweldig met je meegedacht.”

En over de organisatie als geheel: “De RCS is een stichting met maximale betrokkenheid voor blinden en slechtzienden.”

Vooruitkijken

Door de toekomstige verhuizingen vindt Afke het lastig om te zeggen waar ze naar uitkijkt. “Ik weet niet of ik het leuk ga vinden wat er komt,” zegt ze. Maar ondanks die onzekerheid blijft ze betrokken, nieuwsgierig en trouw aan de dingen die haar wél raken: Bijbelstudie, meedenken in de Cliëntenraad en een dagelijkse structuur die past bij haar.